Als ik zo terugkijk op mijn eerste week, dan moet ik erkennen dat het aan media-aandacht niet heeft ontbroken. Het wordt erg op prijs gesteld dat ik ben gekomen om mij te laten informeren. Daarnaast blijken de inwoners veel interesse te hebben in het reilen en zeilen van parlementariërs in Nederland. Wat ik onder andere geconstateerd heb, is dat er hier nog onduidelijkheid blijkt te zijn over een aantal aspecten van het staatkundig proces. Op Curaçao worden veel programma’s zowel op de radio als op de televisie ‘live’ uitgezonden met de mogelijkheid dat mensen kunnen inbellen en ‘live’ vragen kunnen stellen. Het is erg leuk om op deze manier met burgers te communiceren.
Afgelopen week heb ik tevens met verschillende deskundigen gesproken die belast zijn met de coördinatie en beheersing van de SEI-projecten. Wat mij is opgevallen, is dat de nadruk ligt op economische projecten, en minder op sociale projecten, terwijl de sociale nood voor bepaalde mensen groot is. De grootste uitdaging voor het eilandsbestuur is, dat de projecten duurzaam ingebed moeten worden in het beleid en de begroting. Dit was namelijk een randvoorwaarde voor het toekennen van de financiële middelen vanuit SEI.
Het hoogtepunt van de afgelopen week was het gesprek met enthousiaste vrijwilligers die zich inzetten in de wijken en vrouwen begeleiden. Ik heb certificaten mogen uitreiken aan moeders die een cursus hebben gevolgd over schuldpreventie en budgettering. Deze vrouwen zijn geïdentificeerd, doordat hun kinderen op school gebruik maakten van het aanbod van een warme maaltijd. Het bureau vrouwenzaken verzorgt deze maaltijden en probeert via de kinderen de ouders te bereiken om hen te ondersteunen om zo uit soms uitzichtloze situaties te komen. Het was hartverwarmend om te zien hoe blij deze vrouwen waren met de aangeboden cursus.
Afgelopen week ben ik in gesprek gegaan met politici en organisaties van burgers die zich zorgen maken over het staatkundig proces. Meer hierover in mijn volgende weblog.